Lezen Galaten 5: Vrijheid en Christus en de vruchten van de Geest
1  Christus heeft ons bevrijd opdat wij in vrijheid zouden leven; houd dus stand en laat u niet opnieuw een slavenjuk opleggen.
22 Maar de vrucht van de Geest is liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, 23 zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Er is geen wet die daar iets tegen heeft. 24  Want wie Christus Jezus toebehoren, hebben het vlees met zijn hartstochten en begeerten gekruisigd

Christenen zijn tot vrijheid uitgeroepen. In deze vrijheid ligt onze bestemming. Wij zijn geroepen om in vrijheid te leven. Christus heeft ons immers vrijgekocht van de vloek van de wet. Want wie onder de wet en de geboden blijft mist de genade. Want enkel en alleen door deze genade is er een ander leven mogelijk. Paulus roept daarom op zich te laten leiden door de Geest (vs 16) om de vrucht van de Geest zichtbaar te laten worden.

Het woord vrijheid betekent niet dat je maar kunt doen wat je wilt, juist dán onstaat er slavernij. Wie koortachtig wil doen wat er in je opkomt, waar je zin in hebt of wat je ook maar wilt, wordt juist van deze aandrang een slaaf. Ware vrijheid bevrijdt gelovigen van deze eigen wil, zodat er vrijheid gevonden wordt in het dienen van je naaste. Vrijheid wordt zichtbaar in liefde, het is een verlangen om de behoefte en noden van anderen te vervullen. Paulus legt uit: Ten eerste zijn gelovigen door Christus vrijgemaakt.  Ten tweede zijn zij tot vrijheid geroepen. Ten derde  dat dit leven in vrijheid door de Geest mogelijk is.  Met andere woorden: vrijheid is eerst een geschenk, dan is vrijheid een opdracht en vervolgens wordt bevestigd dat deze vrijheid altijd mogelijk is. Vrijheid is geen idee of een interessant concept of plan, integendeel: vrijheid is een ervaring.

Paulus spreekt ook over de werken van het vlees. In vs 21 en 22  somt Paulus een ‘zondenlijstje’ op. Het is een nare spiegel, de moed zou een mens in de schoenen zakken.  We doen ons best, maar in de praktijk zijn er zo vaak van die momenten dat we ons mens-zijn voelen. Wie is er niet eens ongeduldig boos of jaloers enz. Waarom benoemt Paulus toch al deze zonden? Het klinkt misschien raar, maar door het benoemen van al die zonden wil Paulus ons juist bemoedigen. Paulus wil ons laten weten waarván we zijn bevrijd. Immers het kruisoffer van Jezus gaat onmenselijk diep. Jezus stierf voor al die dingen die aan de mens kleven, om alle zonden die bij de mens horen. Zonden die de menselijke natuur kenmerken. We moeten ons dan ook niet afvragen wát we verkeerd doen, maar wáárom we verkeerde dingen doen. Paulus bedoelt uiteindelijk dat wie leeft naar de werken van het vlees, leeft buiten Christus.

Daarom laat Paulus zien dat er een ander leven mogelijk is.  Een leven door de Geest, een leven in vrijheid en in liefde voor anderen. Dit leven botst behoorlijk met de werken van het vlees. Toch is dit leven mogelijk omdat de Geest vernieuwt en herschept.
En dan benoemt Paulus de heerlijke vrucht van de Geest: liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, 23 zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Het gaat niet om eigenschappen die wij van nature hebben, maar het gaat om een manier van leven die is opgewekt door de Geest. Een vrucht groeit. Het gaat om groei in de omgang met God: geleidelijk, onvermijdelijk en van binnenuit.
Zing je mee?

Laat me in U blijven, groeien, bloeien,  o Heiland die de wijnstok zijt!
Uw kracht moet in mij overvloeien,  of ‘k ben een wis verderf gewijd.
Doorstroom, beziel en zegen mij,  opdat ik waarlijk vruchtbaar zij!

Volgende week woensdag 5 juli: Galaten 6:  Paulus beroemt zich op het kruis van Christus