Lezen: 1 Samuel 9 – 1 Samuel 10 serie: Uw dienaar luistert dl. 5
10: 1 Hij goot een kruikje olie over Sauls hoofd uit, kuste hem en zei: ‘Hierbij zalft de HEER u tot vorst over het volk dat Hem toebehoort.’
Het zal je maar gebeuren, je staat midden in het leven, je bent druk met je werk en ineens wordt je leven op zijn kop gezet door God. Met Zijn Woord komt Hij je leven binnen en laat Hij zien dat Hij andere plannen met je heeft, dat Hij je wilt gebruiken in Zijn dienst, voor iets waar jij nooit aan hebt gedacht. Iets dergelijks overkomt Saul. Terwijl hij op zoek is naar de ezelinnen van zijn vader, wordt hij gezalfd tot koning. Daarmee gaat hij de geschiedenis in als eerste koning van Israël.
Het volk wil graag een koning, ondanks dat dit verlangen samengaat met gebrek aan vertrouwen, stemt God toch toe. Daarom wordt in 1 Samuel 9 Saul voorgesteld. Hij is de zoon van Kis, een vermogend man uit de stam van Benjamin. Kis heeft een zoon die Saul heette, een lange, goedgebouwde jongeman, die met kop en schouders boven iedereen in Israël uitsteekt. Hiermee wordt bedoeld dat Saul aanzienlijk is.
Nu zijn er in het bedrijf van Kis een paar ezelinnen zoek. Een ezelin had in de tijd van de Bijbel een belangrijke functie als lastdier. Met een knecht gaat Saul op zoek, maar tevergeefs. De knecht stelt voor om het te vragen aan de man Gods die in de buurt woont. Deze man heeft vast inzicht waar de lastdieren zijn. Ondertussen heeft God aan Samuel al duidelijk gemaakt dat hij iemand uit de stam Benjamin zal ontmoeten, en dat hij deze persoon tot koning moet zalven. Zo blijkt dat de Heere Zelf in deze hele geschiedenis de leiding heeft.
Op een dag is Samuel in een stad op weg naar het heiligdom om bij een feest te gaan offeren, als hij Saul en zijn knecht tegenkomt. Hoewel Samuel verdriet heeft van het feit dat Israël een koning wenst, is hij gehoorzaam. Wel is het opmerkelijk dat Saul Samuel niet kent. Als profeet is Samuel bekend omdat hij op tal van plaatsen in het land het volk toespreekt. Samuel maakt bekend dat de ezelinnen gevonden zijn en laat Saul weten wat God voor hem in petto heeft. Het is jammer dat de reactie van Saul niet is opgeschreven, maar hij zal op zijn minst toch behoorlijk verwonderd zijn geweest.
Saul stelt zich nederig op, de stam waaruit hij afkomstig is, heeft een klein grondgebied. Samuel neemt Saul en zijn knecht mee naar het heiligdom op de heuvel voor de feestelijke offermaaltijd. Het is niet duidelijk waarom deze maaltijd wordt gehouden en wie er allemaal aanwezig zijn. Saul krijgt in ieder geval een ereplaats aan tafel. Saul krijgt het deel wat hem als koning ook toekomt, want de slachter is ingeseind zodat Saul de achterbout krijgt. Het achtergehouden vlees is een signaal dat Samuel van God een boodschap heeft gekregen dat Saul zou komen. Al voordat Saul tot koning wordt gezalfd krijgt hij een behandeling die koningswaardig is.
De volgende dag zalft Samuel Saul tot koning. De eerste koning van Israël wordt gezalfd, daardoor staat Saul in dienst van God. Door de zalving is hij niet zomaar koning van Israël geworden, maar hij regeert namens God en vertegenwoordigt God bij de mensen.
Als Saul tot koning is gezalfd, wordt op drie manieren het koningschap bevestigd (1 Sam.10: 2 t/m 6).
Het derde teken is het grootst. Saul zal in zijn eigen woonplaats een groep musicerende profeten tegenkomen. Op dat moment zal het gebeuren, de Geest zal over Saul komen. Dit is het teken dat Saul in een ander mens verandert, het stelt hem in staat zijn werk als koning te doen. Saul krijgt een ander hart. De Heere werkt in zijn innerlijk en maakt hem bekwaam om koning te zijn. Saul kijkt nu met andere ogen de wereld in. Saul wordt voorgesteld aan het volk als koning. Het volk roept blij: Leve de koning. (vs.24). Evenals Saul op dat moment kijken ook wij met andere ogen de wereld in. De Geest is in ons, bijna is het advent: Leve de Hemelse Koning.
