Lezen Johannes 1: 43 t/m 51 – Even voorstellen dl. 3: Filippus en Bartholomeüs
43 De volgende dag besloot Jezus naar Galilea te gaan. Hij zocht Filippus op en zei tegen hem: ‘Volg Mij. 44 Filippus kwam uit Betsaïda, uit dezelfde stad als Andreas en Petrus. 45 Hij zocht Nathanaël op en zei tegen hem: ‘We hebben de man gevonden over wie Mozes in de wet geschreven heeft en over wie ook de profeten hebben gesproken: Jezus, de zoon van Jozef, uit Nazareth!’

Eén voor één leren we discipelen van Jezus beter kennen. Na de kennismaking met Simon Petrus en zijn broer Andreas, met Jakobus en zijn broer Johannes maken we deze week nader kennis met Filippus en Bartholomeüs.

Filippus
Filippus is een Griekse naam; het betekent ‘liefhebber van paarden’. Hij was een van de eerste discipelen van de Heer Jezus. Nadat Jezus Filippus had geroepen zocht hij Nathanaël op en zei tegen hem: ‘Wij hebben Hem gevonden van Wie Mozes in de wet geschreven heeft,…’. Nathanaël weigerde dit te geloven en zei: ‘Kan uit Nazareth iets goed zijn?’ Het eenvoudige maar rake antwoord van Filippus was: ‘Kom en zie’. 

We komen Filippus tegen bij de wonderbare spijziging. Jezus stelt hem op de proef: ‘Toen Jezus om zich heen keek en zag dat die menigte naar Hem toe kwam, vroeg Hij aan Filippus: ‘Waar kunnen we brood kopen om deze mensen te eten te geven?’ Hij vroeg dat om Filippus op de proef te stellen, want zelf wist Hij al wat Hij zou gaan doen. (Joh. 6: 5,6). Maar Filippus gaat niet vanuit zijn geloof in op de vraag van Jezus, maar hij antwoordt vanuit zijn menselijk denken. Hij maakt een concrete schatting hoeveel geld er eventueel nodig zou zijn om voor iedereen althans een klein beetje brood te kunnen kopen. In ieder geval zijn tweehonderd denari niet genoeg denkt Filippus, omgerekend is dit € 32,67. Het feit dat dit tweeduizend jaar geleden is, geeft niet alleen aan dat het een gigantisch groot bedrag is, maar ook hoeveel mensen daar zijn geweest en het wonder van Jezus mochten beleven.
We horen nog twee keer over hem. Wanneer enkele Grieken graag Jezus willen zien en zich daartoe tot Filippus richten (Joh. 12:20-22). En Filippus was ook degene die tijdens het laatste avondmaal zei: ‘Heer, toon ons de Vader en het is ons genoeg’. Waarop Jezus reageerde: ‘Ben Ik zo’n lange tijd bij u en heb je Mij niet gekend, Filippus. Wie Mij heeft gezien, heeft de Vader gezien’ (Joh. 14:8-9). 
Hoe langer Filippus met Jezus optrok, des te meer had hij het verlangen om Jezus steeds beter te leren kennen, maar ook om alles te weten over de Vader van Jezus in de hemel.


Bartholomeüs
Men neemt met zekerheid aan dat Bartholomeüs dezelfde persoon is als Nathanaël. De reden daarvoor is Matt.10:3a: De namen nu van de twaalf apostelen zijn deze: de eerste, Simon die Petrus genoemd werd, en Andreas, zijn broer; Jakobus, de [zoon] van Zebedeüs, en Johannes, zijn broer; Filippus en Bartholomeüs;
Hoe zit dit nu precies: Nathanaël is zijn doopnaam of persoonlijke naam, en Bartholomeüs is zijn familienaam of een aanduiding van zijn afkomst. 
Bartholomeüs was een oprechte man uit Kana in Galilea en is door Filippus naar Jezus geleid. Bartholomeüs is door Jezus geprezen om zijn oprechtheid, want Jezus zegt tegen over Bartholomeüs: ‘Zie, waarlijk een Israëliet in wie geen bedrog is’ (Joh. 1:48). Ook is Bartholomeüs aanwezig bij de verschijning van Jezus aan het meer van Tiberias al wordt hij hier weer Nathanaël genoemd. Zijn naam komt verder niet meer voor in het Nieuwe Testament.