Lezen: Daniël 7: 13, 14      Zoon des Mensen – de Mensenzoon
13 Ik keek toe in de nachtvisioenen, en zie, er kwam met de wolken van de hemel Iemand als een Mensenzoon. Hij kwam tot de Oude van dagen en men deed Hem voor Zijn aangezicht naderbijkomen. 14 Hem werd gegeven heerschappij, eer en koningschap, en alle volken, natiën en talen moesten Hem vereren. Zijn heerschappij is een eeuwige heerschappij, die [Hem] niet ontnomen zal worden, en Zijn koningschap zal niet te gronde gaan.

Jezus wordt in het Nieuwe Testament 88 keer de Mensenzoon’genoemd. Het is onder de christenen geen gebruikelijke naam voor Jezus. Toch heeft Jezus zelf deze naam vaak gebruikt.  Opvallend is dat deze naam na de Hemelvaart opeens is verdwenen. Nog één keer klonk deze  naam uit de mond van Stefanus, toen hij voor het sanhedrin stond en ter verantwoording wordt geroepen omdat hij het evangelie predikte. En juist als de Joodse raad op het punt staat om Stefanus te veroordelen en te doden, gaat de hemel open en Stefanus ziet de heerlijkheid van God en zegt: ‘Ik zie de hemel geopend en de Mensenzoon, die aan Gods rechterhand staat’ (Hand.7:56). De leden van de Joodse raad begrijpen heel goed wat Stefanus daar zegt. Stefanus citeert de Man die zij nog niet zo lang geleden ter dood hadden veroordeeld. Toen ze Jezus vroegen of Hij soms de Messias was, heeft Hij geantwoord: ‘Dat ben Ik, en u zult de Mensenzoon zien zitten aan de rechterhand van de Machtige en Hem zien komen met de wolken van de hemel’(Marcus 14:62). Wat Stefanus doet is getuigen dat de uitspraak van zijn veroordeelde Meester geen godlastering was, maar zichtbare werkelijkheid is geworden. 

Maar wat betekent het nu dat Jezus zegt dat hij de Zoon des Mensen is. Jezus is toch de Zoon van God?  Hoe kan Jezus dan ook de Mensenzoon zijn? De naam Mensenzoon is in de eerste plaats een verwijzing naar de profetie van Daniël. De Mensenzoon is een Messiaanse titel. Toen Jezus deze naam op Zichzelf toepaste, paste Hij dus deze  profetie op Zichzelf toe. Maar Jezus verwijst ook naar de verwachting die de mensen hadden over een Mensenzoon die zou komen.

In de tweede plaats betekent Mensenzoon dat Jezus werkelijk een menselijk wezen was. Jezus benadrukt dat Hij een mens is. Waarom doet Hij dat? Het is iedereen toch wel duidelijk dat Hij een mensenkind is. Om dit te begrijpen moeten we rekening houden met het feit dat Jezus optrad als mens, maar vanaf het begin Hij Zich ook presenteerde als bovenmenselijk. Zijn almachtige wonderen, Zijn alwetendheid en Zijn opvallend gezag gaven de indruk dat Jezus iets anders is dan een mens. Dat leidde of tot grote verwondering of tot grote afkeuring. We lezen vaak, wanneer Jezus bovenmenselijke dingen doet: ‘Hij is toch de zoon van de timmerman? Maria is toch zijn moeder, en Jakobus, Josef, Simon en Judas, dat zijn toch zijn broers? (Math.13: 55) Men wil Jezus zien als niet meer dan een mensenkind onder de mensen.  Dat blijkt uit het feit dat de mensen zich nooit afvragen: ‘Zou Hij de mensenzoon zijn?’  En dat is opmerkelijk, temeer omdat de mensen op de hoogte waren van de profetie.  Zijn menselijke aanwezigheid op aarde verwarde de mensen, zeker wanneer men Hem hoorden spreken en Hem wonderen zag verrichten. In Zijn optreden lijkt Jezus meer Goddelijk dan menselijk.

Wat ook opvallend is dat Jezus Zichzelf Mensenzoon noemt en niet een Mensenzoon. Er is maar één menselijk wezen zoals Jezus is geweest.  Dit verwijst naar het lied die de engelen zongen bij de herders: God heeft welbehagen in de mensen. Gods genade blijkt uit de geboorte van dit Mensenkind.  En door deze ene Mens is er blijvende toekomst voor de mens tot in alle eeuwigheid.
Samengevat: de term Mensenzoon geeft aan dat Jezus de Messias is en dat Hij werkelijk een menselijk wezen is.

Volgende week 31 januari: De Gezalfde