Lezen: Mattheüs 5: 17 t/m 18 – De Bergrede  dl.8
17 Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen; Ik ben niet gekomen om die af te schaffen, maar te vervullen. 18 Want, voorwaar, Ik zeg u: Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet één jota of één tittel van de Wet voorbijgaan, totdat het alles geschied is.

 Na de negen zaligsprekingen, en de boodschap van Jezus dat wij het zout en het licht der wereld zijn, gaat Jezus uitleggen welke rol de wet daarbij speelt.
Jezus begint: ‘Denk niet’, dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen.’ De mensen dachten dat Jezus de wet wilde afschaffen en Zijn eigen woorden daarvoor in de plaats wilde zetten. 
Denk niet! Dit misverstand mag niet blijven bestaan. En om Zijn woorden kracht bij te zetten zegt Jezus dat er niet één jota of één tittel aan de Wet zal worden veranderd. (Een jota is de kleinste Hebreeuwse letter en een tittel is een krul aan een Hebreeuwse letter.)
Waarom is de wet nu zo belangrijk?  Ten eerste is de wet bedoeld om de mens zijn tekorten te laten zien en om te laten zien wat zonde is. ‘De wet doet de zonde kennen’ (Rom. 3:20). Dat is ook de reden dat in het Oude Testament offers moesten worden gebracht.  Door de wet kennen we de beperking van ons kunnen en komen we bij Christus uit. Want Christus is het einde van de wet. Dat is dan ook de eerst functie van de wet: ons bij Christus brengen.
Maar er is nog meer. De tweede functie van de wet is, nadat we bij Christus zijn gekomen, dat Jezus Zelf die wet in ons gaat vervullen. En dat heeft te maken met de Heilige Geest. Als de wet door Jezus in onze binnenste wordt vervuld, dan staan we open voor de vruchten van de Geest. We beseffen dat Jezus het offer voor ons heeft gebracht. Het maakt ons dankbaar en blij, we worden een nieuw mens en we leren om ons leven te laten leiden door Gods Geest. Als wij vervolgens vanuit de Geest ons leven leven, dan ontdekken we dat de eerste vrucht de liefde is, omdat God Zelf liefde is. Daarom vat Jezus de hele wet ook overzichtelijk samen: ‘God liefhebben boven alles en onze naaste als onszelf’.

Een belangrijke vraag is: Moeten de wet nu letterlijk nemen of gaat het nu om de Geest?
In de tijd van Jezus heerste de opvatting dat je moest leren om met de wet om te gaan, zodat je er mee uit de voeten kon, zoals de wet iets versmallen zodat bepaalde dingen nog net door de beugel konden.
Terwijl Jezus duidelijk wilde maken dat het Gods bedoeling was dat de mens juist zou ontdekken dat je niet met de wet kon leven en dat je daardoor bij God uit zou komen, Die je vervolgens wees op Zijn Zoon, Die het offer heeft gebracht om de wet in ons te vervullen. Want het gaat niet om nog meer geboden en verboden. Het gaat niet om vrome eigengerechtigheid maar om de gerechtigheid van Jezus. Daarom ontbindt Jezus de wet niet, maar Hij vervult van binnenuit. Jezus maakt het weer tot een zaak van het hart. Vanuit je hart het goede doen en God liefhebben boven alles en onze naaste als onszelf. De Geest  alle ruimte geven om Zijn vruchten in ons binnenste hun werken te laten doen.

Want iedere daad, goed of slecht,  vindt zijn oorsprong in het hart. En als de Geest alle ruimte krijgt,  zal het goede altijd overwinnen. Altijd. Een heel mooi voorbeeld is het volgende:
Iedereen kan een brandende lucifer uitblazen. Wanneer we de lucifer laten branden en we houden de lucifer onder een gordijn, zodat deze in brand vliegt en de gordijnen op hun beurt het hele huis in brand steken, dan zijn we te laat. Niemand kan een brandende huis uitblazen, maar wel een brandende lucifer. Dit is wat Jezus duidelijk maakt. Jezus kan ons, doordat Hij de wet in ons binnenste heeft vervuld, en Zijn Geest heeft gegeven, ons de kracht geven om een brandende lucifer uit te blazen en dan zal het goede, de liefde altijd winnen en dat maakt het verschil in ons leven.