Lezen Marcus 3: 7 t/m 19  – Even voorstellen dl. 2:  Jakobus de zoon van Zebedeüs en Johannes
17 en [verder] Jakobus, de [zoon] van Zebedeüs, en Johannes, de broer van Jakobus – aan hen gaf Hij de naam Boanerges, wat ‘zonen van de donder’ betekent 

De broers Jakobus en Johannes
Onder de twaalf apostelen van Jezus waren er twee met de naam Jakobus. In de Bijbel hebben mensen geen achternaam. Om mensen met dezelfde naam van elkaar te onderscheiden  wordt er iets bij vermeld, zodat we weten wie er bedoeld wordt. Jakobus, de broer van Johannes, wordt aangeduid als maior (de meerdere of oudere). Jakobus de zoon van Alfeüs, die we ook in het rijtje apostelen tegenkomen, wordt aangeduid als minor (de kleinere of jongere). Zoals wij in onze taal de begrippen  senior en junior kennen.

Jakobus maior was de oudere broer van de apostel en evangelist Johannes. Zij waren zonen van Zebedeüs, een welvarende visser uit de plaats Bethsaïda aan het meer van Galilea. De roeping van de beide broers wordt duidelijk beschreven in Marcus 1: 19 En toen Jezus vandaar wat verdergegaan was, zag Hij Jakobus, de [zoon] van Zebedeüs, en Johannes, zijn broer, die in het schip de netten aan het herstellen waren. 20  En meteen riep Hij hen, en zij lieten hun vader Zebedeüs in het schip achter met de loonarbeiders en gingen weg, Hem achterna. De moeder van Jakobus en Johannes heette Maria Salome. (Mark. 15:40; Matt. 27:56).

Johannes en Jakobus worden door Jezus ook Boanerges, genoemd  hetgeen ‘zonen van de donder’ betekent. Dit wordt door uitleggers in verband gebracht met hun driftig karakter. 54 Toen de discipelen Jakobus en Johannes [dat] zagen, zeiden zij: Heere, wilt U dat wij zeggen dat er vuur van de hemel moet neerdalen en hen verteren, zoals ook Elia gedaan heeft?  55 Maar Hij keerde Zich om, bestrafte hen en zei: U beseft niet wat voor geest u hebt,  56 want de Zoon des mensen is niet gekomen om zielen van mensen te gronde te richten, maar om ze te behouden. (Luc. 9)

Maar dat driftig en temperend karakter is niet het belangrijkste. Het is Jezus Die de beide broers zo heeft genoemd, en dat moet ten allen tijde positief worden uitgelegd.  De donder werd in de Bijbel beschouwd als een aanduiding voor Gods stem. Deze betekenis werpt een heel ander licht op de bijnaam. Als de zonen van de Donder Gods Woord predikten, dan is het een bijnaam die met eerbied mag worden gedragen. De stem van God klonk in hun prediking door. 

Samen met Petrus maakten Jakobus en Johannes deel uit van de groep vertrouwelingen van Jezus, die getuigen waren van een aantal belangrijke momenten in het leven van de Heer Jezus, en wel:
1. Toen Jezus het dochtertje van Jaïrus uit de dood opwekte (Marc. 5:35-43).
2. Toen Jezus werd verheerlijkt op de berg (Marc. 9:2-8).
3. Toen Jezus in zielsangst was in de hof Gethsemane (Marc. 14:32-34).

Jakobus
werd op bevel van koning Herodes met het zwaard gedood (Hand. 12:2). Dat moet omstreeks het jaar 44 zijn gebeurd. Hij was de eerste martelaar uit de kring van de twaalf. 
Johannes was schrijver, hij beschreef het evangelie in zijn eigen boek, de drie brieven en het boek Openbaring. Jezus had Johannes lief, Johannes lag in de schoot van Jezus. (Joh. 13:23). Dat is vast de reden dat de discipel die aan het hart van Jezus lag, het allermeest over de liefde heeft geschreven.