Lezen: Mattheüs 5: 7, 8- De Bergrede  dl.4
7 Zalig zijn de barmhartigen, want aan hen zal barmhartigheid bewezen worden.

Niet voor niets gaat de vijfde zaligspreking over barmhartigheid. Want voor wie hongert en dorst naar gerechtigheid (brief 24 april), is barmhartigheid vanzelfsprekend de volgende stap. Wanneer je ervaart hoe barmhartig God is tegenover ons, dan maakt je dat ook barmhartig naar de ander. Barmhartigheid heeft alles te maken met begrip voor de ander. Je kruipt als het ware in de huid van de ander. Hoeveel conflicten zouden er worden opgelost als de mens dat zou leren.

In feite gaat God op dezelfde manier met ons om.  Hij zond Zijn Zoon en Jezus kroop in de huid van de mens omdat God weet wat voor een maaksel wij zijn. God is Zelf barmhartig en Hij zegt met nadruk: ‘Barmhartigheid wil Ik’ (Math. 9: 13). Barmhartigheid maakt mild in het oordeel. Barmhartige mensen zijn prachtige mensen. We kennen het verhaal van de barmhartige Samaritaan. Barmhartigheid zoekt altijd naar wegen, manieren en oplossingen op zich te uiten. Natuurlijk is het niet de bedoeling om barmhartigheid af te meten aan goede daden. Barmhartigheid is een houding, denkwijze en inzicht vanuit het geloof. Het is een gezindheid door de gezindheid van Christus.

Barmhartigen ontvangen bovendien een heerlijke belofte: hen zal barmhartigheid bewezen worden. ‘Onbarmhartig zal het oordeel zijn over wie geen barmhartigheid heeft bewezen; maar de barmhartigheid overwint het oordeel.’ (Jak. 2: 13). Wat een heerlijke belofte voor later, maar ook voor nu. Want wie door Gods genade barmhartige gezindheid heeft, ontvangt ook veel barmhartigheid. Wie warmte mag geven, ontvangt ook veel warmte. Barmhartigheid is het wezen van God, en dat is de enige reden waarom er zoveel heil in barmhartigheid ligt.

 

8 Zalig zijn de reinen van hart, want zij zullen God zien.

Reinheid is een geschenk. Als God ons hart rein kan maken is dat alleen maar zalig.  Onreinheid heeft alles te maken met verleiding en met de leugen dat je pas gelukkig kunt zijn als je dat verleidelijke hebt en dat je ongelukkig bent als je het niet hebt. Denk maar aan bijv. Eva, Esau, David. Zij hebben ervaren dat de verleiding behoorlijk fout was. Onreinheid, in welke vorm dan ook, maakt niet gelukkig. Maar wie ontdekt dat reinheid gelukkig maakt, gaat het zoeken. Ook David heeft het door schade en schande moeten ontdekken. David heeft geleerd dat onreinheid en somberheid samen gaan, maar ook dat reinheid en blijdschap bij elkaar horen.’Ontzondig mij dan ben ik rein zijn, doe mij blijdschap en vreugde horen; Schep mij een rein hart, geef mij de veugde over Uw heil terug’ (Ps. 51: 9 10, 12,14)

We hebben de tijd niet mee, al is er altijd onreinheid geweest, maar het lijkt alsof de onreinheid nooit zo opdringerig is als nu. Het is moeilijk om de onreinheid te ontlopen. Het dringt onze samenleving binnen. Soms zullen we moeten vluchten zoals Jozef dat deed (Gen. 39:12). Jozef wist hoe kostbaar zijn leven was in Gods ogen en hij wilde dat niet verstoren. Maar het uit de weg gaan van onreinheid is niet voldoende, we zullen ons moeten uitstrekken naar reinheid, en het positieve blijven zoeken. Gods Woord geeft ons antwoord hoe we dit moeten doen: in de Bijbel blijven lezen.  Gods Woord maakt en houdt ons hart zuiver en rein. Gods Woord kan ons behoeden om af te dwalen en is levendig en krachtig. Zo krachtig om ons een rein hart te schenken. Immers: ‘Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad’ (Ps. 119:105).

Gods licht maakt alles zichtbaar. Zolang we maar in Gods licht blijven wandelen zullen we beter alle verleidingen en leugens ontdekken en de reinheid herkennen. En dat geeft rust voor onze ziel.